Technisch ontwerp

Industrieplein Hengelo

Het Industrieplein is niet langer de achterkant van station Hengelo, maar de nieuwe toegangspoort naar het Hart van Zuid. Verschillende gebruikers hebben een plek gekregen, maar er is ook ruimte gecreëerd voor nieuwe vormen van gebruik. Een nieuw skatepark – een van de grootste van de regio – is verrezen op het plein en wordt veelvuldig gebruikt. Daarnaast is de bestaande veldbeek weer zichtbaar gemaakt, en is er op het plein ruimte gemaakt voor evenementen. Door middel van een innovatief smart-light systeem kan de verlichting op het plein aangepast worden aan de situatie. Meerstammige bomen en vlinder- en bijlokkende beplanting zorgt voor een aangenaam verblijfsklimaat en bevordert de biodiversiteit. Zo is het Industrieplein plein en park in één.

foto mathildeplein openbare ruimte

Mathildeplein

Aan de voet van één van de belangrijkste iconen van Eindhoven, de Lichttoren, is een nieuw plein verschenen. Een pergola begroeid met blauwe regen en rozen biedt de voorbijganger een blik op het semi-openbare parkje. Hier kan men na het winkelen even neerstrijken op het terras of rustig op een bankje tussen weelderige planten ontsnappen aan de verkeersdrukte van het centrum. De amorfe vorm van het gebied vroeg om een strikte structuur, die rust brengt op het plein en bovendien het zicht op de Lichttoren optimaal garandeert. Het ontwerpconcept is daarom gebaseerd op strips en lijnen die haaks staan op het gebouw en de menselijke schaal terugbrengen. De eenheid in het ontwerp wordt bewaard door een consequent vorm- en materiaalgebruik: een sobere grijze vloer, robuuste bakken van cortenstaal, warme houten banken. De hoofdrol is weggelegd voor de beplanting: wintergroen, seizoensbloeiers en accenten van rododendrons.

foto Celsius openbare ruimte

Celsius Eindhoven

De komende vijftien jaar ondergaat Woensel-West een transformatie. Woningcorporatie Trudo heeft veel bezit in het gebied en heeft daarom een overkoepelende visie opgesteld voor de Eindhovense wijk: ‘Omdat smaken verschillen’. De visie beoogt een hippe, kleurrijke wijk met een bloeiend straatleven, zelfredzaamheid en ontmoeting. Vanuit die doelstelling zal de wijk ook fysiek veranderen. Er wordt gerenoveerd, gesloopt en er worden nieuwe woningen gebouwd. Voor de ruimtelijke vertaling van deze visie hebben Tarra Architectuur & Stedenbouw en Buro Lubbers in samenwerking met Trudo een stedenbouwkundige visie opgesteld. Deze integrale visie over vier schaalniveaus – de wijk Woensel, de buurt Celsius, het woonkwartier en de woning – geeft handvatten voor verdere gebieds- en gebouwontwikkeling. De openbare ruimte vormt het raamwerk. De stedelijke as, de groene scheggen en de dwarsassen vormen een krachtige herkenbare drager. Deze drager is zo sterk dat de afzonderlijke kwartieren van smaak kunnen verschillen zonder dat de buurt aan samenhang verliest.

Monnikenhuizen

Toen de voetbalclub Vitesse het sportpark Monnikenhuizen in Arnhem Noord verliet om een nieuw stadion in Arnhem Zuid te betrekken, kwam een unieke woningbouwlocatie vrij. Ingeklemd tussen twee oude landgoederen strekte zich een glooiend landschap uit dat voor een belangrijk deel was begroeid met volwassen eiken en beukenbossen. De hoogteverschillen en het bos boden ongekende mogelijkheden voor het ontwikkelen van een aantrekkelijke woonwijk in nauwe relatie met haar omgeving. Buro Lubbers ontwierp de buitenruimte.

Schanskorven die hoogtes overbruggen, een zichtbaar watersysteem en de grote bomenaanplant bepalen nu het beeld van Monnikenhuizen. Bijzonder is dat deze drie landschappelijke motieven evenwichtig zijn geïntegreerd in de stedenbouw en architectuur als gevolg van een open en interactief planvormingsproces. Alle betrokken partijen hadden maar één doel: een fantastische en unieke woonwijk creëren. Door de intensieve samenwerking en de integratie van de specifieke kwaliteiten van het gebied is het voetbalterrein getransformeerd tot een weldadige, groene leefomgeving met stedelijke allure.

Plankaart Stadhouderspark

Stadhouderspark

Duizenden dienstplichtigen passeerden sinds 1938 de poorten van de Frederik Hendrikkazerne in Vught, maar sinds een paar jaar is de kazerne niet meer in gebruik. Ook de sportterreinen ten zuiden van de kazerne zijn in onbruik geraakt. De vrijgekomen terreinen worden nu getransformeerd tot een bijzonder woonmilieu dat optimaal inspeelt op de landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten van het gebied. Tegelijkertijd biedt deze ontwikkeling de mogelijkheid om de dorpsrand van Vught op een hoogwaardige wijze te beëindigen. Buro Lubbers en Soeters Van Eldonk maakten een stedenbouwkundig plan en een beeldkwaliteitsplan voor het Stadhouderspark. Buro Lubbers stelde vervolgens ook een inrichtingsplan op voor de openbare ruimte. Het Stadhouderspark is een gedurfd plan voor een parkachtige woonwijk. Het laat zien dat traditionele tuinen niet noodzakelijk zijn wanneer het landschappelijke karakter van een gebied volledig wordt benut. Woningen als gasten tussen de bomen.

Verde Vista Plas

De A4 ter hoogte van Zoeterwoude is verdiept waardoor er ruimte is ontstaan voor een gebied voor kantoren, recreatie, retail en een nieuwe woonwijk, Meerburg. Eén van de deelgebieden betreft de Verde Vista Plas, een wijkje met 24 woningen aan een waterbergende plas. Buro Lubbers ontwierp een natuurlijk en speels inrichtingsplan met volop ruimte voor kinderen én bijen.

Zowel de vormgeving als de beplanting van de plas verwijzen naar het oorspronkelijke polderlandschap met zijn rechte weteringen. Een smal voet- en vlonderpad, evenwijdig aan de snelweg, trekt een rechte lijn dwars door het water. Het verbindt drie eilanden waarvan er twee zijn ingericht als speeltuin. Ook de knotwilgen, bloemrijke bermen en riet- en ruigtevegetatie sluiten aan op de aanliggende veenweidegebieden. De gebiedseigen beplanting bevordert de bioversiteit en trekt bijen aan. De entree van de wijk wordt een ware bijenidylle. Hier wordt informatie verstrekt over bijen, het bijenlandschap en het bij-vriendelijk inrichten van tuinen. Het is een plek met educatieve waarde én het vormt een representatieve toegang naar het dorp.

Quinten Matsyslaan

Tijdelijke woningbouw hoeft niet ten koste te gaan van ruimtelijke kwaliteit en woonplezier. Dat bewijzen twee nieuwe bouwblokken aan de Quinten Matsyslaan in Eindhoven. Buro Lubbers ontwierp een stedenbouwkundig plan voor 43 flexibele prefab-woningen rond twee groene hoven. Vanwege de geluidscirkel van DAF staan de woningen er maximaal tien jaar. Een slim en creatief antwoord op bouwrestricties en het nijpende woningtekort onder spoedzoekers.

Een kashba-achtige verkaveling heeft geresulteerd in een doorwaadbaar binnengebied met een zeer groene inrichting. Verspringende bouwhoogtes, accenten op de hoeken, speelse doorgangen en doorkijkjes zijn beeldbepalend. De standaard conceptwoning die het beste aansluit op de kwalitatieve en kwantitatieve stedenbouwkundige uitgangspunten, is de Cubestee van Onix, bleek na een vergelijkende studie van zes woonmodellen. De kubuswoningen zijn prima bouwstenen voor het nieuwe groene buurtje. Door te schakelen en stapelen is één architectonisch gebaar ontstaan aan de Quinten Matsyslaan. Het vele groen op de gevels, in de hoven en aan de straat creëert bovendien een sterk imago. Zo geeft de tijdelijke woningbouw ook een kwaliteitsimpuls aan zijn omgeving.

Grote polder Zoeterwoude

De gemeente Zoeterwoude heeft het vergroten van de biodiversiteit hoog op de agenda staan, ook van haar bedrijventerreinen zoals Grote Polder. Buro Lubbers heeft een inrichtingsplan opgesteld dat de ecologische waarde van Grote Polder verbetert en daarmee een impuls geeft aan het ondernemersklimaat, een gezonde werkomgeving en recreatief medegebruik. Het plan betreft naast de hoofdstructuur van het bedrijventerrein diverse particuliere terreinen van ondernemers. Door biodiversiteit te combineren met zakelijkheid en creativiteit streeft het plan naar een bedrijventerrein waar flora en fauna, ondernemer en werknemer, bezoeker en recreant zullen floreren. Een belangrijk uitgangspunt is aansluiting op het bijennetwerk in de omgeving. Daarom wordt het bedrijventerrein bijvriendelijk ingericht. Vegetatie biedt schuil-, voortplantings- en voedselmogelijkheden en creëert tegelijkertijd jaarrond een aantrekkelijk beeld voor gebruikers. Op naar een boeiend bloeiend bedrijventerrein!

EATC

Het European Air Transport Command (EATC) is een internationaal commandocentrum, dat voor België, Duitsland, Frankrijk, Luxemburg, Nederland en Spanje de operationele controle van het militair luchtvervoer uitvoert. Het centrum bevindt zich op vliegbasis Eindhoven. Het bestaande gebouw wordt vervangen door nieuwbouw die de kernwaarden van EATC weerspiegelt: geïntegreerd, innovatief en effectief. Het Rijksvastgoedbedrijf en het Ministerie van Defensie hebben het team van Dura Vermeer de opdracht voor de nieuwbouw gegund. De architectuur is van de Paul de Ruiter Architecten. Buro Lubbers tekende voor het terreinontwerp.

In het verlengde van het masterplan voor Vliegbasis Eindhoven (Buro Lubbers 1996), is het nieuwe EATC gepositioneerd in een glooiend heidelandschap. Struinpaden en verblijfsplekken nodigen werknemers uit te pauzeren in de buitenlucht. Een brede trappartij verbindt de heide met het formeel geordend ceremonieplein en het robuuste gebouw. Hier vinden officiële plechtigheden plaats; vlaggen, gedenksteentjes en een monument herinneren de geschiedenis van EATC en symboliseren de eenheid tussen Europese lidstaten.

TU-Noordcampus

Delft krijgt er een nieuwe campus bij. Tussen de oude binnenstad en de andere
universiteitsterreinen wordt een levendig, stedelijk gebied gerealiseerd
voor wonen, werken en studeren. Zowel studenten en medewerkers van de
Technische Universiteit vinden hier hun plek als creatieve bedrijven en
inwoners van Delft. Buro Lubbers heeft het stedenbouwkundig plan en het terreinontwerp opgesteld. Het huidige binnengebied van TU-Noord ontbeert een heldere structuur, gebruiks- en verblijfskwaliteit. Het
fungeert als restgebied. De nieuwbouw van het International Student
House (ISH), de revitalisatie van oude universiteitsgebouwen en de
herinrichting van de stedelijke ruimte brengen hier verandering in. De nieuwe identiteit van de campus wordt ontleend aan zijn historische kwaliteit en groene karakter. Door het verbeteren en toevoegen van routes en toegangen wordt de campus goed doorwaadbaar en optimaal verbonden met zijn omgeving. Het binnengebied krijgt een logische structuur met een heldere sequentie van ruimtes: een plein, een hof en een park. De nieuwbouw vormt een duidelijke schakel tussen deze ruimtes. Het plein met daaraan gekoppeld een horecagelegenheid functioneert als centrum en ontmoetingsplek van de campus.
Het park heeft zowel een stedelijke als een ecologische en
waterbergende functie. Op de hogere, drogere delen bevinden zich routes
en verblijfsplekken; in de lagere, natte delen wordt water geborgen. Gradiënten in het waterrijke gebied en specifieke beplanting maken het park interessant
voor flora en fauna. Het is de groene parel van de campus.

Van een enclave in de stad transformeert de campus tot een aantrekkelijke verblijfs- en ontmoetingplaats. TU-Noord zal zich ontwikkelen tot een dynamische plek in een groene setting met alle kwaliteiten die horen bij een campus.