Onderzoek

Hoekschewaard

Heerlijkheid de Eeuwis ligt in de Eendragtspolder die deel uitmaakt van de Hoeksche Waard. De opdrachtgever heeft de intentie hier een landgoed met een culturele functie te realiseren. De naam van het beoogde landgoed is ontleend aan de bijzondere landschappelijke kenmerken van het gebied. Een eeuwis is in de Hoeksche Waard een stuk grond dat na de inpoldering lang moerassig is gebleven. Het concept voor het landgoed is gebaseerd op het plooien van het landschap. Door de uitgestrekte akkers, doorploegd en jarenlang bewerkt, met voren tot zo ver als het oog reikt, te plooien, wordt het landschap getransformeerd van een gebied van ongeveer 13 ha. tot een ervaring van 30 ha. Het letterlijk maken van de voren ofwel de ‘plooiing’ van het landschap leidt tot hoogteverschillen, waardoor van nat naar droog uiteenlopende natuurlijke milieus ontstaan, elk met een typische beplanting. De gevarieerde rijkdom aan beplanting, onderstreept zo de lange lijnen, die zo kenmerkend zijn voor het gebied.

Groen Blauwe Slinger

Het plangebied is onderdeel van de groen-blauwe slinger die de groengebieden De oude Leende en Het Balijbos met elkaar verbindt. Het gebied is het meest centrale en smalste deel van deze verbindende ecologische groenzone in de Randstad en is hierdoor ook direct het meest kwetsbare deel. Toekomstige ontwikkelingen, zoals een nieuwe regionale infrastructuur, geplande woon- en industriegebieden en een verandering van waterstand, zullen een nog hogere druk op het gebied leggen.

Buro Lubbers heeft een herontwikkelingsvisie geformuleerd die het gebied zal ontwikkelen tot een kwalitatief hoogwaardig waterrijk natuur-, recreatie- en woongebied. Door een goed uitgebalanceerde verhouding van deze verschillende functies en een gefaseerde uitvoering worden direct financiële middelen vrij gemaakt voor een versnelling in de realisatie van het groen en het vergroten van het oppervlak natuurgebied. Deze nieuwe manier van ontwikkelen dient als basis voor de planvorming van de totale groen-blauwe slinger.

Smeerling

Smeerling is een cultuurhistorisch belangrijke nederzetting, bestaande uit een achttal boerderijen in de vorm van een hoevenzwerm. De verkaveling van de omliggende esgronden is grotendeels nog gelijk aan die uit het begin van de negentiende eeuw. Om deze hoevenzwerm en het omliggende landschap te beschermen, is Smeerling in de jaren zeventig aangewezen als beschermd dorpsgezicht. Nadat de boerderijen, waaronder vijf rijksmonumenten, zijn gerestaureerd, heeft Buro Lubbers een visie ontwikkeld voor de landschappelijke inbedding van Smeerling, de openbare ruimte en de privéterreinen van de hoevenzwerm. De visie heeft met name betrekking op de ruimtelijke situatie en de ruimtelijke wensbeelden van de locatie op regionaal, lokaal en privaat niveau.

Vestingwerken Den Bosch

Versterkt Den Bosch is een integraal ontwikkelingsplan voor de Vestingwerken van ’s-Hertogenbosch. Het plan gaat verder dan alleen de restauratie van de bestaande vestingmuren. Het creëert op diverse terreinen meerwaarde voor de stad: openbare ruimte, verkeer, natuur, economie, toerisme. Het doel was om de herkenbaarheid van de stad te verbeteren en haar rijke geschiedenis beter beleefbaar te maken, waardoor een krachtige identiteit ontstaat en een cultuurhistorisch bewustzijn. Uiteraard zijn de vestingmuren hersteld ter behoud van het cultuurhistorische erfgoed. Het plan Van Hekel tot Hekel is de eerste deeluitwerking van het ontwikkelingsplan en is inmiddels uitgevoerd. Het succes van beide plannen staat onomstotelijk vast. De vestingwerken van ’s-Hertogenbosch zijn een toeristische trekpleister van formaat en De Bossche Aanpak dient als voorbeeld voor andere steden. Buro Lubbers staat aan de wieg van dit succes en stelde de plannen op.

Onderzoek Barendrecht

Landbouwgronden in de stedelijke periferie staan onder druk, met name in de Randstad. Opgeëist voor woningbouw, commercie, recreatie- of natuurontwikkeling, wordt het typische open polderlandschap langzaam volgebouwd. Buro Lubbers ontwikkelde voor de Zuidpolder een strategie voor een stedenbouwkundige uitbreiding met de nadruk op natuurontwikkeling. De Zuidpolder heeft een bijzondere ligging tussen de bebouwing van Barendrecht en de uiterwaarden van de Oude Maas. Op het moment van studie was de polder in gebruik als landbouwgebied. In de nieuwe situatie zou het gebied een multifunctionele bestemming krijgen zonder het landschap een artificiële vorm op te leggen.

Het unieke van het pan is de gefaseerde aanpak waardoor het eindbeeld nog niet vaststaat. Het gebied zal langzaam van karakter veranderen, waarbij steeds een nieuwe mix ontstaat van oude (agrarische) functies en nieuwe functies zoals recreatie en woningbouw. Opmerkelijk is dat bebouwing wordt ingezet als financieringsmiddel voor de natuurontwikkeling in het gebied. Een subtiel, efficiënt en innovatief plan.

Onderzoek Relicten

Bij de herontwikkeling van verlaten (industrie-)terreinen is er volop aandacht voor de herbestemming van industrieel erfgoed. Opvallend daarbij is dat de kleinere objecten, de relicten, worden vergeten of pas in een later stadium aan bod komen. De relicten, zoals leidingbruggen, schoorstenen, sinterbekkens, rails, perrons e.d.) kunnen een belangrijke rol kunnen spelen in het functioneren van de openbare ruimte en de aanhechting met het omringende stedelijk weefsel. Het handhaven of vitaliseren van relicten is echter niet eenvoudig. Verduurzaming, exploitatie, uiterlijk, functie, eigendom, beheer, onderhoudsbudgetten en veiligheid moeten in een vroeg stadium integraal bekeken worden. Dat maakt het mogelijk de relicten vitaal en functioneel te transformeren naar een nieuw tijdperk. Deze studie onderzoekt van een uitgebreide reeks relicten hoe is omgegaan met bovenstaande aspecten en welke meer of minder succesvol zijn.

Dorpsranden rijnwaarden

Dorpsranden Gelderland

Recepten voor het landschappelijk afronden van dorpen

De grote woningbouwopgave is voorbij. Kwaliteit van wonen kan niet meer gezocht worden in grootschalige uitbreidingswijken. Wel hebben veel dorpen behoefte aan kleinschalige nieuwbouw voor nieuwe doelgroepen evenals bestaande bewoners. De Provincie Gelderland heeft haar vizier daarvoor gericht op dorpsranden. In de jaren van de grote bouwopgaven zijn de overgangen tussen dorp en landschap lang niet altijd even zorgvuldig vorm gegeven. Nu is er de kans om op deze plekken een kwaliteitsslag te maken. De kernvraag is hoe we de dorpsranden kunnen verbeteren en tegelijkertijd mogelijkheden te creëren voor kleinschalige woningbouwprojecten.

Op uitnodiging van de Provincie Gelderland heeft Buro Lubbers deze vraag onderzocht. De casus: de vijf dorpen van de Gemeente Rijnwaarden. Allereerst hebben wij de randen van deze vijf dorpen uitgebreid geanalyseerd. Kansen en knelpunten zijn in kaart gebracht en vervolgens verklaard. Daarna hebben we een reeks landschappelijke instrumenten geformuleerd voor de verbetering van de dorpsranden. Tot slot zijn we dieper in gegaan op Pannerden en laten we zien hoe dit dorp op een mooie manier kan overgaan in het landschap.

Onderzoek hoogbouw Gelderland

Het veelzijdige landschap van Gelderland spreekt velen tot de verbeelding. Het Veluwemassief, het rivierengebied, het kampen- en essenlandschap leiden tot hoge en lage, natte en droge, open en gesloten gebieden met bijbehorende vegetatietypen en belevingen. Hoe verhoudt dit bijzondere landschap zich tot hoogbouw? Wat zijn de kansen en bedreigingen van hoogbouw voor het landschap en andersom? Het resultaat is een toolbox voor een picturale enscenering van hoogbouw in Gelderland. Hiermee kan in het decor van het Gelderse landschap een beeldende compositie van landgoederen met woontorens worden samengesteld, die de verschillende landschapstypes beleefbaar maakt. Voorgesteld als nieuwe buitenplaatsen, met elkaar verbonden door uitkijkpunten langs de snelwegen, vormen de woontorens één samenhangend landschapspark. Waar hoogbouw in eerste instantie een bedreiging voor het landschap leek te vormen, biedt het in dit onderzoek een uitgelezen kans. Hoogbouw zal het Gelders landschap op een unieke manier beleefbaar maken.

Gezondewijk

Hoe kan een normale, onopvallende jaren 80-buurt op een innovatieve manier worden getransformeerd naar een bijzondere, hechte en groene leefomgeving? Buro Lubbers ontwikkelde een vernieuwend plan voor de Botenbuurt in Eindhoven, dat zich vooral richt op het in gang zetten van een aantal ontwikkelingen, die op hun beurt weer andere positieve ontwikkelingen voortbrengen. De drijvende kracht achter deze kettingreactie zijn parasieten, die kleur en variatie aan het grijze woningaanbod toevoegen. Niet alleen maken de parasieten de woningen aantrekkelijker om te kopen of huren, ze zijn een verrijking voor de hele buurt. Innovatief is dat het geld gegenereerd door de parasieten wordt geïnvesteerd in vergroening van de buurt, die op zijn beurt ervoor zorgt dat mensen graag in de buurt wonen, er langer blijven wonen en wellicht kiezen voor uitbreiding van de woning door middel van een parasiet, waarna weer meer geld beschikbaar is voor groen, enzovoort. Buurtsuccessies is een voorbeeld voor woningstichtingen in heel Nederland om hun buurten leefbaar en bij de tijd kunnen houden.